Stormen onder een blauwe hemel
- 17 feb
- 13 minuten om te lezen
Jammer maar het weer in Zuid Spanje blijft pet. Regen en storm. Dus reizen we weer zo’n 100 km naar het noorden. Als we wegrijden zie ik in mijn zijspiegel dat er al een camper op ons plekje parkeert. Een gewilde camperplek. Of de volgende dat ook zal zijn? Wil René stuurde ze een mailtje of er plek is en direct was het antwoord: je bent welkom.
We rijden naar Lorca om boodschappen te doen en gaandeweg komt de zon tevoorschijn. We willen als eerste naar de supermarkt Consum omdat ze daar Cola zero zero in 1,25 literflessen verkopen, evenals mandarijn-waterijsjes en goede havermelk. Als we de straat inrijden, geeft onze routeplanner ineens alarm: de weg is verboden voor voertuigen langer dan 6 meter. Uh, echt? Bij de rotonde zien we ook een verkeersbord met hetzelfde verbod. Dus keren we om, en parkeren buiten de zone. We lopen die anderhalve kilometer wel. Heb ik vandaag ook weer gewandeld. Wat ons opvalt is dat dit Lorca groot-stedelijker is dan het schattige centrum dat we vorig jaar zagen. Toen leek het een provinciestadje van zeg 30.000 inwoners, dachten we: zie onze video over Lorca en Puerto Lumbreras uit 2023 . Het blijkt de derde stad van Provincie Murcia te zijn met zo’n 100.000 inwoners.

Als we terug bij de camper zijn, betrekt de lucht en begint het te waaien en de regenen. Balen, ik hoopte om straks buiten te kunnen zitten. We doen de rest van de zware boodschappen bij een supermarkt waar we de camper dichtbij kunnen parkeren, en rijden dan 15 kilometer naar het westen richting Águilas. De camperplek ligt niet aan de doorgaande weg maar net aan het begin van de Sierra de Almenara. Net voorbij Purias, een klein gehucht van 100 inwoners.
We krijgen een plek tegenover de stal met 1 paard en 2 ezels. "Een is een authentieke Spaanse ezel", legt de eigenaar uit. Uh…? “Het is de kleine ezel”. De eigenaar is een Nederlands stel die sinds vorig jaar deze camperplek is begonnen. Ook al woont hij al 30 jaar in Spanje, zijn Amsterdamse accent is onmiskenbaar.
Achter ons is nog een plek leeg, naast een hele grote camper. Alle twintig plekken zijn groot maar we gaan liever daar staan. Die grote camper blokt de wind de komende dagen, denken we. En kunnen we ons stoffen huisje weer opzetten. Buiten zitten is (nog) geen optie. Het is gewoon te koud. De volgende dag begint koud met 10 graden maar zodra de zon over de heuvel is, warmt het iets op. Maar echt warm wordt het niet. Ik schilder met een fleecejas onder mijn schilderjas, tot het echt te koud wordt.
En dan komt storm Leonardo over Portugal en Spanje. De eerste dag betekent het hier regen en kou. Als het in de loop van de ochtend een beetje droog lijkt te worden, springen we op de fiets en rijden naar een overdekte shopping mall. Volgens mij fietsen we niet goed, maar Wil René heeft de tomtom. Ik mopper want het is verder weg, koud én de modder zit al tot aan mijn knieën. Dan loopt de route vast op een nieuw huis. Of we fietsen ver om, of we proberen om het perceel te fietsen. Dat laatste dus en lang leve de dikke banden: want het blijkt dat we door de vette klei met plassen moeten zwoegen. In het winkelcentrum koop ik 5 shirts en als we terugrijden komt waarachtig een klein zonnetje tevoorschijn.
Dat zonnetje wordt de volgende dag een grote zon en de temperatuur stijgt tot 20 graden. We

besluiten om naar het dorp te wandelen waar een koffiehuis zit. Daar zien we op een groot Tv-scherm de beelden van de gevolgen van storm Leonardo in Oost Andalusië. Dorpen waar in een paar uur tijd 60 cm regen valt. Rivieren die buiten hun oevers staan, overstroomde wegen, scholen, treinspoor, een camping….. En wij zitten in de zon met een matige wind. Bizar.
Het koffiehuis is ruim 45 minuten lopen. Op de heenweg heuvel af en wind in de rug. De terugweg is dus pittiger. Met een pauze op een bankje, red ik het. Een nieuw record.
Een ander record vestigen we in de middag. We zijn aan het schilderen als de wind plotseling toeneemt. Binnen een kwartier stormt het (windvlagen tot 90 km). We moeten als een idioot de tent afbreken en de luifel indraaien. De tentwanden zijn zo neergehaald. Opvouwen doen we later wel. Gewoon een waterfles van 8 liter er op, dan blijft het wel liggen. En dan komt het moeilijkste. De luifel zien in de draaien, zonder dat de wind ‘m tegen de camper aandrukt of over de camper heen tilt. Ik roep de hulp in van twee buren en met z’n 4-en lukt het zonder schade. Dan begint het te spetteren. We gooien snel de tentwanden de camper in. Het blijft bij spetteren. Met wat gehannes lukt het om de tentdelen op te vouwen. We ploffen op de bank. Na 1,5 uur lopen, een uurtje schilderen en een race tegen de storm zijn we gesloopt.
De wind blijft stevig, ook de volgende dag. Evenals de zon. Zonder tent kunnen we niet schilderen. Dan maar fietsen. Naar Lorca – zo’n 15 km verderop. Ik heb op internet nog een kleine tentoonstelling gevonden in een oud stadspaleis uit de 19e eeuw. Geen idee of dat wat is, maar het geeft onze fietstocht een bestemming.

We staan net in de tuin van palacio Huerto Ruano, twijfelend of we hier onze fietsen wel kunnen stallen, als er een vrouw langs loopt en in rap Spaans iets zegt. “Despacio, por favor.” (langzaam aub). “Er is een mooie tentoonstelling binnen, die moeten jullie bekijken.” Nou, dat waren we net van plan, en aangezien ze niets over onze fietsen zegt, laten we ze hier staan. We wandelen naar

binnen waar een schoonmaakster de zalen wijst die we kunnen bekijken. Dus beginnen we links. Prachtige zaal met een enkel mooi schilderij en enkele die ons niet kunnen bekoren. De zaal erachter is prachtig in moorse stijl. Van vloer tot plafond. De beelden die er in staan vallen weg tegen zoveel kleurenpracht.
We komen de vrouw tegen die we buiten spraken. Ze spreekt nauwelijks Engels maar ze wil ons de zalen boven laten zien, en wijst en passant op de unieke trap waarvan de

leuning is gemaakt van glas. In de zalen boven vertelt ze dat de expositie door de Fundacion Cristina Valera is georganiseerd. Zij blijkt de voorzitter te zijn. Dan excuseert ze zich want er zijn vrienden aangekomen die ze even later aan

ons voorstelt. Ze blijken volgende week af te reizen naar België (Genk) en Nederland. Hij is pottenbakker en hij heeft potten gemaakt voor de Bonsai-tentoonstelling daar[1]. Nadat we boven de twee zalen hebben bekeken, is er nog een zaal beneden over. Daar kunnen we snel door heen, het gaat over een bekende inwoner van Lorca. We zien oude foto’s, schilderijen uit zijn huis. Voordat we gaan, wil ik de vrouw nog even dag zeggen. Maar ze zet ons samen met haar vrienden bij een muur om een video te kijken. Een video over het leven en werk van Antonio Valero Torres – bekende inwoner van Lorca, oprichter van de Fundatie, oud-wethouder, advocaat, projectontwikkelaar, eerste redacteur van de lokale krant. En ….. haar vader, die in december is overleden - 96 jaar oud. Veel van de gesproken tekst heb ik niet verstaan maar och oude beelden vind ik altijd wel interessant. Dan nemen we toch echt afscheid, tot onze verrassing omhelsd ze ons - Rosa Valera.
De volgende dag nemen wij afscheid van de camperplaats van Henri en Irene, Ranch Purias. Onze bestemming is een camperplek bij Dolores waar we al vaak hebben gestaan. Maar dat is niet de reden. Een vriendin heeft het vliegtuig gepakt en logeert daar twee weken om haar zoon de favoriete plek van zijn vader te laten zien. Het is ook de plek waar wij elkaar in 2023 hebben ontmoet.
Onderweg rijden we langs het berggebied Sierra Espuña. Daar is een stuwmeer met een mooi uitzichtspunt. Kunnen we wel even gaan kijken. Hemelsbreed 3 kilometer van de snelweg. Uiteraard is er geen rechte weg maar een omweg van 15 km is prima. Onze routeplanner stuurt ons door een olijfplantage. Ik heb google maps ook open en daar zie ik dat de weg iets verderop de heuvels in gaat. Uiteraard tussen de kassen. Totdat de weg vastloopt op een hek en de zijwegen voorzien zijn van rode borden met een witte streep. Er is nog een ander uitzichtspunt maar daarvoor moeten we veel verder omrijden. Doen we de volgende keer wel, als we hier voorbij komen.
Nu eerst hagelslag kopen, én komijnekaas. Wil René miste zijn hagelslag zo dat hij pure chocolade reep kocht en met een mes er chocola af raspte. In de regio van Almería waren er geen Nederlandse winkels. Het vooruitzicht doet het water in zijn mond lopen. Als we dan toch in de Nederlandse winkel zijn worden er ook dropkogels ingekocht. En zien we tompouces in de koelvitrine liggen. Die nemen we ook mee.
De camperplek zelf is ongewijzigd, nog altijd die matige douches. De activiteiten daarentegen zijn toegenomen. Er is iedere dag wel wat te doen in de loods – vandaag mambo workshop en daarna salsamuziek. Onze vriendin logeert in een huisje dat in die loods is gebouwd. Verrassend knus en compleet. Met de spullen uit onze en haar koelkast maken we een salade en als toetje peuzelen we de tompouces op. We missen daardoor wel de mambo workshop. Maar niet het salsa dansen zelf.
In heel ver verleden heb ik salsa les gevolgd maar veel is er niet blijven hangen. Na een tijdje te hebben gekeken naar Spaanse dansparen die rondwervelen, gaan we gewoon op onze manier dansen. Wil René en ik proberen nog even de mambo stappen met behulp van een
stappenplaatje van internet. Zonder succes maar wel met groot plezier. Zodra wij met onze vrienden “gewoon” op de salsamuziek dansen, durven we meer mensen mee te doen. Tot groot enthousiasme van de DJ annex dansleraar. Het is een hele leuke avond. Met iets te veel wijn merk ik de volgende ochtend.
Gisteren niet gewandeld, wel gedanst. Vandaag wandelen wel, via een dorp met koffiepauze, langs de artisjokkenvelden. 45 minuten met wat stijven spieren van gisteren, niet slecht.
Vanmiddag is er in de loods een fototentoonstelling, soundbath en pizza. De geportretteerden zijn o.a. mensen met Down. De campingeigenaar leidt ze rond over de camperplek en vol verwondering kijken ze naar de campers, de glampingtent en auto met daktent. Ik vraag of ze een camper van binnen willen zien. Natuurlijk! Dus omstebeurt komen ze kijken naar het kleine huis.
Het lukt me in het Spaans wat dingen te benoemen: het huis heeft een keuken, en zelfs een douche. En een bed dat tegen het plafond zit en zakt om te slapen. En dan willen ze snel verder want er komt pizza. En lekkere pizza, moet ik zeggen. Ik bestel een cuatro queso en tot mijn verrassing gaat er walnoten en honing over heen. Wel lekker.
De campingeigenaar was zo vriendelijk twee nachten te regelen maar daarna zit hij vol. Met nog geen geregelde plek vertrekken we. Nu de Zuidkust van Spanje nog steeds de een na de andere storm over zich heen krijgt, stroomt de oostkust vol met overwinteraars uit de Costa del Sol, Malaga, Gibraltar en Cadiz. Het is dringen, denk ik. Met verbazing kijk ik dan ook naar de bijna lege camperplaats die aan de buitenrand van Alcantarilla ligt. Nou ja helemaal verbaasd ben ik niet, want het is de parkeerplaats van een motelrestaurant dat aan de overkant van de weg ligt. Een ommuurde parkeerplaats waar je wel water kunt tappen en je wc kunt legen. Voor 8 euro per nacht. Er staan twee vrachtwagen-campers die op geen enkele normale camping of camperplaats passen, noch welkom zijn. Hier hebben ze de ruimte om hun zijkanten uit te schuiven. Even later gaan de achterkleppen open en rijden ze hun auto’s er uit. Ik kijk dus uit op ruim 2 miljoen aan reismaterieel ….

Even later rijdt er een Nederlandse camper het terrein op, die net zo verbaasd is als ik. Nog zoveel plek! Ze hebben al voor de poort van campings overnacht omdat het overal vol is. Ze zijn inderdaad gevlucht voor het slechte weer in Zuid Spanje. Hier schijnt de zon volop. De temperatuur loopt op tot ruim 24 graden. Hoewel campinggedrag formeel niet toegestaan is, zetten we onze schildertafels in de schaduw van onze camper. Eind van de middag fietsen we de stad in. Doel: een heladería. Bij dit zomerse weer past een ijsje.

Deze stad is geen toeristische bestemming. Alcantarilla is een industriestadje (43.000 inwoners) met Hero en Bayern als bekende fabrieken. Een groot industriegebied delen ze met Murcia. Als we door het stadje fietsen vallen de vele graffiti tags op (een soort handtekeningen). Er zijn ook veel kale gevels en leegstaande panden. Die zichtbare tags zijn vaak ook een teken dat er een grote tolerantie is voor street art. Dus open ik de Street Art Cities app en inderdaad hier zijn veel

murals te vinden. Ik zet de murals als pins op een kaart en maak er een fietsroute van. Misschien morgen of overmorgen. Want ik denk ook nog aan een andere fietstocht. Naar dat stuwmeer, dat we een paar dagen geleden probeerden te bereiken met de camper. Het is een uur fietsen vanaf hier, wel met een pittige helling aan het einde. Met dit mooie weer en niet te veel wind zouden we dat meer ook kunnen filmen.
De volgende dag is het vooral bewolkt. En Wil René voelt zich niet zo fit. Dus die helling wordt het zeker niet. De fietsroute door de stad langs de muurschilderingen durft hij wel aan. Als we terug zijn spettert het af en toe. Desondanks stijgt het kwik tot 21 graden
De camperplek wordt door een motel/restaurant uitgebaat dus misschien kan ik er ook wel douchen. Dat klopt. Tegen betaling van 3 euro kan ik een mooie nieuwe douche gebruiken. Op de camperplaats staat ook een keet met wasmachines en drogers. Dus draaien we ook een was. Uiteindelijk is de camperplek meer dan alleen een parkeerplaats zoals ik het in eerste instantie zag. Alleen de elektricitreit werkt vandaag niet en een camper met een gehandicaptenlift vertrekt onverrichter zaken.
Met onze zonnepanelen hebben we geen stroom nodig. En dat is maar goed ook want de volgende bestemming is letterlijk een parkeerplaats. Dit keer zonder voorzieningen. In Pilar de la Horadada staan 3 bevriende koppels net achter de duinen aan het strand (de app Polarsteps laat zien waar ze zijn). We brengen ze een verrassingsbezoek. Zij staan net op het punt om water te gaan tanken en vuilwater en de wc te lozen bij een serviceplek 10 km verderop. En komen daarna weer terug. Tja dat is het nadeel van een parkeerplaats waar alleen een vuilniscontainer staat. Op de parkeerplek staan zo’n 50 campers. Sinds een paar weken heeft de gemeente deze

parkeerplek voor campers opengesteld, wel is kampeergedrag verboden (geen stoelen en tafels buiten). Maar met een strand zo dichtbij is dat ook niet nodig. De bakker heeft de klandizie al ontdekt, en rijdt ’s morgens toeterend het parkeerterrein op met een auto vol broden, broodjes en koeken.
We zoeken weer een wandeling met een koffiepauze. We kunnen langs en over het strand naar een terras in Torre de la Horadada lopen. Precies 30 minuten. Waar we geen rekening mee hebben gehouden, is de warmte in de middag. Ik zoek een tafel in de schaduw op het terras. De zon die achter sluier-bewolking zit, warmt de lucht flink op en er is nauwelijks wind. Het kwik stijgt naar 24 graden in de schaduw, die het strand niet heeft. Morgen gaan we in de ochtend wandelen. Toch is het zonnige weer een cadeautje: met je blote voeten op het strand in korte broek.
Een van de vrienden zegt: "een brunch, hier op het strand, zou tof zijn". Zeker. Maar door het alleen tegen mij te zeggen, gebeurt er niks. De weersvoorspelling beloofd morgen een strakke

blauwe lucht. Kortom een perfecte dag voor een brunch. ’s Avonds zet ik haar idee in de groepsapp en vul aan: morgen half 12 en iedereen neemt iets mee, oké? Het is oké. En dus staan

er rond 12 uur een rij tafels op het strand gevuld met eten. Veel en lekker. Wauw het is echt zomer. De huid van sommigen van ons wordt zelfs roserood. Het zeewater is met 14 graden te koud om te zwemmen, ik hou het bij pootje baden. Wil René verrast iedereen met ijsjes die hij bij de supermarkt is gaan halen. Zo gek dat het een paar dagen geleden koud en nat was, en nu lijkt het (een Nederlandse) zomer. En de voorspellingen zijn dat het zeker een week aanhoud. Fingers crossed.
Die zon blijft wel maar er komt wind bij. ’s Avonds, als we met z’n allen in het restaurant zitten, loeit ineens het alarm uit heel veel mobieltjes. En extra hard via de boxen, want de restauranthouder speelt muziek af via zijn mobiel en ontvangt op hetzelfde moment ook de windwaarschuwing voor morgen. Blijf binnen!, is de korte vertaling. De politie heeft het wandelpad naast de duinen al afgezet. We zetten de dakluiken op een kier want slapen zonder frisse lucht vind ik vervelend.

’s Morgensvroeg rammelt de wind aan onze camper en gaan toch alle luiken dicht. Storm Oriana komt met windstoten van minimaal 90 km/u vanuit het noordwesten. Onze wandelroute via het strand ligt gunstig want de duinen en huizen vormen een prima windscherm. In de loop van de ochtend wordt de wind sterker. De grote campers draaien zodat ze met de kont in de wind staan en de neus naar de zon. Ze hebben vast ook het verhaal gehoord dat zo’n grote Morelo - die dwars op de wind stond – in Portugal is omgewaaid. (Ik heb dat verhaal trouwens niet kunnen terugvinden). Wij staan niet precies in de

windrichting maar met de hydraulische poten staan we een stuk stabieler dan de campers zonder levellers. “Het voelt alsof ik op een schip zit in een zware storm,” omschrijft een van onze vrienden het. De wind trekt nog meer aan en ook wij draaien de camper een stukje. We wandelen het strand op om onder een strakke blauwe hemel de witte koppen op de zee te zien. Niet lang, want we worden gezandstraald. We lopen achteruit weer tussen de duinen door en schuilen in de camper voor de wind.
Door de storm is gisteren het Jeugd-carnaval afgelast. Vandaag om 11 uur start in San Pedro Del Pilar de carnavalsoptocht. De wind is minder heftig dan gisteren maar toch wel stevig. We fietsen gewoon en dan zien we wel of het doorgaat. Ik heb het parcours op internet gevonden maar als we de straat indraaien, zien of horen we niks. Tja, praalwagens met deze wind is ook niet te doen. Maar aan het einde van de straat horen we muziek en zien we mensen klaar staan. Leuk! Onze Vlaamse vrienden vieren normaal Carnaval in Aalst (B) en via hun kinderen worden ze op de hoogte gehouden van de optocht waar dit jaar zo’n 5000 mensen meelopen in de stoet. Hier schat ik dat er zo’n 500 mensen meedoen. Een ander groot verschil is dat dit bijna allemaal dansgroepen zijn – niks praalwagens of politiek commentaar. Het is meer een Braziliaans carnaval. Hier dansen alle leeftijden, kindergroepen en bejaarden. Alle maten van XS tot XXXXL. Het is een leuke optocht, wel wat fris maar niet zo koud als in België waar de stoet door sneeuw wordt overvallen.
Voetnoot




































































Opmerkingen